Maltose
Sacharose
Enzymen behoren tot de groep van proteïnen (zie de biologie).
Vaak hebben de enzym-eiwitmoleculen een actieve plaats, een Co-enzym, zoals de heemgroep in het transportenzym hemoglobine (zie figuren).
Desoxi-ribo Nucleic Acid (Engels): Desoxy Ribo Nucleínezuur
Dat zijn de macromoleculen (en ze zijn buitengewoon makro!!) die zich in de CelKern bevinden van levende wezens.
Ze zijn het belangrijkste deel van de chromosomen en dragen dus op een chemische manier (erfelijke) informatie nodig voor het functioneren van de cel.
Voornamelijk de vorming van eiwitten wordt op die manier gereguleerd.
In rustvorm hebben de DNA-moleculen een spiraalvorm, een zgn. dubbele helix. (zie foto)
Opdracht 37
Leg uit wat de volgende bewering wil zeggen:
De DNA-moleculen zijn co-polymeren van 4 monomeren, waarbij elke monomeer wordt voorgesteld door een symbool: A, G, T e C.
Adenosin, Thymine, Guanine e Cytosine zijn de nucleïnezuren, kernzuren, die aan een soort DNA-ruggegraat verbonden zijn.
Die ruggegraat is een lange keten van afwisselend een ribosegroep en een fosfaatgroep.
De primaire struktuur van DNA kun je beschouwen als de volgorde van de nucleínezuren, net als de aminozuren bij de eiwitten.
Ook net als bij de eiwitten is er een secundaire struktuur: een helix-struktuur (spiraalvormig).
Het is ook nog eens een "dubbele helix", d.w.z. dat het molekuul dubbel is.
De twee zijn een soort spiegelbeeld van elkaar. Als ze uit elkaar gaan vormen zich twee gelijkwaardige DNA-strengen.
Bij zijn functioneren als regelneef voor de cel, stuurt het DNA informatie uit de kern naar het plasma, in de vorm van RNA
(er wordt van van bepaalde stukken DNA een copy gemaakt)