4.2 Hoofdketens en vertakkingen

Als konsekwentie van zijn bijzondere karakter kan het C-atoom ketens vormen met enkelvoudige, dubbele, drievoudige en zelfs cyclische bindingen, met Koolstof, en met vele andere atomen.
Er zijn zoveel verschillende moleculen gebaseerd op het koolstofatoom, dat we spreken van een koolstofchemie, vroeger aangeduid als organische chemie.

primair, secundair, tertiair en quanternair

Bovenstaande struktuur is 'metylbutaan' aan de linkerkant en 'dimetilpropaan' aan de rechterkant.
Koolstofatomen die alleen maar gekoppeld zijn aan één ander C-atoom heten primaire C's; deze zitten altijd aan het eind van een koolstofketen.
C-atomen tussen twee andere in noemen we secundaire C-atomen.
Zo zijn er ook tertiaire C-atomen, gekoppeld aan drie andere en quaternaire die ingeklemd zitten tussen vier andere C-atomen.



Opdracht 16
hoeveel primaire, secundaire, tertiaire en quaternaire C-atomen zitten in de twee structuren?

De woorden primair, enz. gebruikt men niet alleen voor de C-atomen. Ook andere atomen of atoomgroepen kunnen deze kwalifikatie bezitten. Als bijvoorbeeld een OH-groep vast zit aan een secundair C-atoom, spreken we van een secundaire alkohol of ook van een secundaire hydroxigroep.
Bij de eiwitten zullen we die aanduidingen ook tegenkomen, maar dan betekenen ze iets anders.

Opdracht 16A
Beantwoord de volgende vragen over de strukturen A, B, C e D:

  1. Geef de officiële naam van elke struktuur;
  2. Hoeveel secundaire koolstofatomen heeft elke struktuur?
  3. Zie je ergens een secundaire OH-groep? Waar?
  4. Zijn alle hoofdketens tegelijk ook de langste ketens?

Antwoord