5.3 Fossiele brandstoffen: steenkool, aardolie en aardgas

De stoffen / elementen die bij verbranding erg belangrijk zijn, zijn waterstof en koolstof, met als eindprodukten: water en koolzuurgas (CO2). Steenkool bevat erg veel koolstof en aardgas relatief veel meer waterstof.

Opdracht 45a
Wat is voor het milieu beter: verbranding van steenkool of verbranding van aardgas?

Als koolwaterstoffen verbrand worden, reageren dus diezelfde twee elementen met zuurstof. Let op: Waterstof is de fanatiekste reageerder, dus verbruikt als eerste het zuurstof. Als er genoeg zuurstof is komt daarna het koolstof aan de beurt. Bij tekort aan zuurstof vormt zich koolmonoxide (CO) of zie je zwarte walmen van roet (koolstof) ontstaan.
De vorming van CO2 vindt al vele jaren in gigantische hoeveelheden plaats over de hele wereld en is de oorzaak van de opwarming van de aarde en dus ook van de stijging van de zeespiegel. Een zeer gevaarlijke situatie waar snel iets aan gedaan moet worden. Anders zullen veel Nederlanders in de toekomst asiel in andere landen moeten gaan zoeken.

Opdracht 46
Op welke manieren draagt Europa bij aan de toename van CO2 in de atmosfeer?