Net als de Ureumcyclus, vindt ook de Krebscyclus plaats op de mithogondria.
De oxidator (zuurstof, O2) helpt bij de 'decarboxylering van het citroenzuur, tijdens het verloop van al die reakties van deze cyclus.
Eén complete omgang door de cyclus houdt één reduktie in van twee koolstofatomen die overgaan in 2CO2).
De bijgehorende waterstofatomen verbinden zich aan energiedragers: FAD en NAD, die meteen daarna ATP vormen. ATP mogen we beschouwen als een soort brandstof in de levende wezens. De molekulen zitten vol chemische energie.
De hele cyclus is opgebouwd uit negen stappen, deelreakties, met als overall reaktie:
Citraat
oxaal acetaat
C6H5O72- +H2O
C4H2O52-+2CO2 + 5H·
FAD- en NAD-molekulen pakken de H-radikalen op (neutrale eenzame H-atomen) en verkrijgen daarmee flink veel energie. Daarna reageren deze H-atomen met zuursof en vormen water H2O (zeer exotherme reactie). Water en koolzuurgas zijn de eindprodukten.
De hoofdfunktie van de cyclus is het verkrijgen en opslaan van chemische energie.
Opdracht 25
Wat kun je zeggen over de elektronenoverdracht in bovengenoemde processen?