REDOXREACTIES |
InleidingHet onderwerp van deze cursus is "REDOX-reacties", waarbij REDOX het resultaat is van een afkorting:
RED komt van Reductor
OX komt van oxidator In elke redoxreactie zijn dat de twee belangrijkste deelnemers. In een redoxreactie reageren altijd een oxidator en een reductor.en opgelet:Er ontstaan daarbij ook altijd een nieuwe oxidator en een nieuwe reductor.Je zou eigenlijk een beetje ijzerpoeder en zwavelpoeder goed moeten mengen in een reageerbuis en voorzichtig verhitten boven een brandervlam. Eerst smelt het zwavel en met dat ijzerpoeder erin lijkt het dan een zwart vloeibaar mengsel, maar al gauw gaat het echt reageren. Het gaat zelfs gloeien, zo veel energie komt er bij vrij. Het resultaat - kun je na afkoelen gewoon pakken - is een harde vormloze substantie, zwart van kleur en lijkt helemaal niet meer op ijzer of zwavel. We hebben hier een voorbeeld van een redoxreactie met ijzer als reductor en zwavel als oxidator. Wat is er precies gebeurd? Een korte herinnering aan scheikundige begrippen die je hier nodig hebt: Redox heeft alles te maken met electronen, meestal de valentie-electronen van bepaalde atomen. Hoe zit dat ook weer met het afgeven en opnemen van electronen? Je weet vast nog: alle deeltjes (atomen, moleculen, ionen, ze bevatten altijd electronen. |
| Inhoudsopgave: | ||
|
3. Indirecte Redoxreacties; met elektroden |
||
| Ba2+ | SO42- | 6C6H12O6 | U |


| De vergelijking van koppel 1: | red 1 | ox 1 + electronen | |
| vergelijking van koppel 2: | ox 2 + electronen | red 2 | |
| Totaalvergelijking: | red 1 + ox 2 | ox 1 + red 2 |
| De vergelijking van koppel 1: | Al | Al3+ + 3 e- | | x 2 | |
| vergelijking van koppel 2: | I2+2 e- | 2I- | | x 3 | |
| Totaalvergelijking: | 2Al + 3I2 | |
2Al3+ + 6I- |
| koppel 1: | red 1 | ox 1 + electronen | |
| koppel 2: | ox 2 + electronen | red 2 | |
| Totaalvergelijking: | red 1 + ox 2 | ox 1 + red 2 |
| Oxidator | Reductor | |
| H2O2+ 2H+ + 2e- | 2H2O | |
| O2 + 2H+ + 2e- | H2O2 |
| oxidatoren | reductoren | |
| Cu+ + e- | Cu | |
| Cu2+ +2e- | Cu | |
| Cu2+ + e- | Cu+ |
| Oxidatoren | reductoren | |
| PbO2(s) + SO42-+ 4H+ + 2e- | PbSO4(s) + 2 H2O | |
| Pb2++2e- | Pb(s) | |
| PbSO4(s)+2e- | Pb(s) + SO42- |





Bewering: Het diagram hiernaast toont de veranderende oxidatiegetallen van zwavel in het productieproces van zwavelzuur.
De bewering is dat grafiek D als enige die veranderende oxidatiegetallen weergeeft.
|
Direct |
Indirect |
|
|
Sterk |
Dit zijn
|
Batterijen en accu's |
|
Zwak |
Hier gebeurt nooit iets effectief. |
Electrolyse en opladen van accu's en batterijen Dit zijn gedwongen reacties
|
|
Zonder electroden |
Met electroden |
|
1. maak een schets van wat er allemaal gebeurt / gedaan wordt. |
|
|
2a. Maak een lijst van alle aanwezige stoffen / deeltjes, inclusief electroden) en 2b. Geef aan wat de reductor en wat de oxidator is(onderstrepen) |
|
| 3. geeft de halfreactievergelijkingen; |
3. geeft de halfreactievergelijkingen; OX reageert aan de positieve electrode RED reageert aan de negatieve electrode |
| 4. kloppend maken en totaalvergelijking |
4. kloppend maken |
|
5. Eventuele vervolgreacties |
|
|
6. Geef waarnemingen en conclusies |
|

| Red: | Na | Na+ + e- | |x2 | |
| Ox: | 2H2O + 2e- | H2 + 2OH- | |x1 |
2Na+ + H2 + 2OH-
